Ik keek naar de muziekdoos.
Marco kwam naast me staan.
“Misschien moeten we hem uit de kamer halen.”
Ik knikte.
Hij nam hem van me over en liep naar de gang.
Het verschil was onmiddellijk.
Het gehuil werd zachter.
Niet meteen stil.
Maar zachter.
Iedereen keek elkaar aan.
Dokter Gable fronste.
“Dat is interessant.”
Ik keek naar Sophie.
“Hoe wist je dat?”
Ze haalde haar schouders op.
“Mijn pop vindt hem niet leuk.”
Ik keek naar de pop.
“Je pop?”
Sophie knikte serieus.
“Ze zei dat ik hem weg moest halen.”
Elena glimlachte ongemakkelijk.
“Ze heeft een levendige fantasie.”
Maar ik keek niet naar Elena.
Ik keek naar de muziekdoos.
“Onderzoek hem.”
Marco pakte handschoenen uit zijn zak.
Hij bekeek het voorwerp zorgvuldig.
“Er zit niets bijzonders aan.”
Dokter Gable liep naar hem toe.
“Wacht.”
Hij nam de muziekdoos niet aan.
In plaats daarvan vroeg hij:
“Kun je hem openen?”
Marco draaide het deksel voorzichtig om.
Daaronder zat het mechanisme.
De arts boog zich eroverheen.
“Interessant.”
“Wat?”
“Dit is geen origineel mechanisme.”
Ik voelde een koude rilling.
“Wat betekent dat?”
“Dat iemand het ooit heeft vervangen.”
Mijn blik ging naar Marco.
“Wanneer?”
Hij keek naar de muziekdoos.
“Dat kunnen we laten onderzoeken.”
Sophie trok ondertussen aan mijn mouw.
Ik knielde naast haar.
“Wat is er?”
Ze wees naar de boekenkast.
“Niet die.”
Ik keek haar aan.
“Welke dan?”
Ze liep naar een kleine houten kast naast het raam.
Daar stond een rij ingelijste foto’s.
Familiefoto’s.
Mijn vrouw.
Ikzelf.
De kinderen.
Sophie keek naar de onderste plank.
“Daar.”
Ik bukte me.
Tussen twee oude fotoalbums lag een klein rechthoekig voorwerp.
Een babyfoon.
Ik fronste.
“Waarom ligt deze hier?”
Elena kwam dichterbij.
“Die gebruiken we al maanden niet meer.”
Ik pakte hem op.
Het apparaat stond uit.
Maar toen ik het omdraaide, zag ik iets.
Een klein lampje.
Het brandde.
Marco nam het onmiddellijk van me over.
“Dit hoort niet aan te staan.”
Hij controleerde het apparaat.
“Het maakt verbinding met een onbekend netwerk.”
De kamer werd doodstil.
Ik keek naar mijn beveiligingschef.
“Kan iemand hiermee meeluisteren?”
Hij antwoordde voorzichtig:
“Dat is mogelijk.”
Mijn kaak spande zich aan.
“Hoe lang?”
“Dat weten we nog niet.”
Ik keek naar de drie baby’s.
Toen naar Sophie.
Ze stond nog steeds met haar pop tegen zich aangedrukt.
“Hoe wist jij dat?”
Sophie keek naar de babyfoon.
“Hij fluisterde.”
Elena pakte haar dochter bij de hand.
“Sophie…”
Maar het meisje keek naar mij.
“Een man praatte tegen hem.”
Mijn hele lichaam verstijfde.
“Welke man?”
Sophie keek naar de deur.
“De man die gisteren hier was.”
Marco keek onmiddellijk naar mij.
“Gisteren?”
Ik knikte langzaam.
“Er was gisteren niemand van buiten.”
Marco pakte zijn telefoon.
Hij controleerde de beveiligingslogboeken.
“Volgens het systeem klopt dat.”
“Dus?”
Hij keek op.
“Niemand is geregistreerd.”
Ik voelde mijn maag samentrekken.
“Controleer alle beelden.”
Marco liep naar de deur.
“Nu.”
Maar Sophie trok opnieuw aan mijn mouw.
“Hij was niet buiten.”
Ik keek naar haar.
“Waar was hij dan?”
Ze wees naar de muur.
“Daarachter.”
Niemand bewoog.
Dokter Gable keek naar de muur.
“Daarachter zit alleen een technische ruimte.”
Marco liep er onmiddellijk naartoe.
Hij controleerde het paneel.
“Op slot.”
“Open het.”
Hij haalde een sleutelbos tevoorschijn.
Een paar seconden later klikte het slot.
De deur ging open.
Achter de muur bevond zich een smalle technische ruimte met kabels, ventilatiebuizen en leidingen.
Marco scheen met zijn zaklamp naar binnen.
“Niemand.”
Toen bleef hij plotseling staan.
“Adrien.”
Ik liep naar hem toe.
Op een plank lag een kleine zwarte tas.
Marco haalde hem naar voren.
Daarin vonden we verschillende spullen.
Een oplader.
Een oude telefoon.
Een sleutelkaart.
En een foto.
Ik pakte de foto.
Mijn adem stokte.
Het was een foto van mijn vrouw.
Met de drieling.
Maar de foto was gemaakt in deze kamer.
Na de geboorte van de kinderen.
Ik draaide hem om.
Op de achterkant stond één zin.
“Ze zijn niet veilig zolang Adrien de waarheid niet kent.”
Mijn hart bonsde.
“Wat is dit?”
Dokter Gable keek naar de foto.
“Wanneer is deze genomen?”
Ik keek naar de datum.
Acht maanden geleden.
De dag waarop mijn vrouw stierf.
Ik voelde de grond onder mijn voeten verdwijnen.
Isabella was die ochtend gestorven na een plotseling medisch probleem.
Ik had altijd gedacht dat haar dood tragisch en onverwacht was geweest.
Maar nu lag er een foto die aantoonde dat iemand vlak voor haar dood toegang had gehad tot de kinderkamer.
En toen zag ik nog iets.
Op de foto stond Isabella niet alleen.
In de weerspiegeling van het raam was een tweede persoon zichtbaar.
Een man.
Ik zoomde met mijn telefoon in.
Mijn adem stokte.
Ik kende hem.
Hij had jarenlang voor mijn familie gewerkt.
Een man die ik vertrouwde.
Een man die volgens mijn administratie diezelfde dag niet eens in het land was.
Ik keek naar Marco.
“Vind hem.”
Marco keek naar de foto.
Zijn gezicht werd ernstig.
“Adrien…”
“Vind hem.”
Op dat moment klonk achter ons een klein stemmetje.
Sophie.
“Hij komt terug.”
Ik draaide me om.
“Wie?”
Ze keek naar mij met grote ogen.
“De man op de foto.”
Daarna wees ze naar de deur.
“Hij is beneden.”
Mijn bloed stolde.
Marco trok zijn telefoon.
Een beveiligingsmelding verscheen op het scherm.
VOORDEUR GEOPEND.
Daaronder stond:
GEZICHT HERKEND.
Marco keek naar mij.
“Adrien…”
Ik wist het al.
Want precies op dat moment klonk beneden de stem van een man die ik al acht maanden niet had gehoord.
Een stem die ik onmogelijk kon vergeten.
Mijn vrouw had hem vlak voor haar dood één keer genoemd.
En nu stond hij opnieuw in mijn huis.
“Adrien,” riep hij.
“We moeten praten over Isabella.”
Ik keek naar Sophie.
Ze hield haar pop nog steeds stevig vast.
En toen fluisterde ze:
“Dat is de man die tegen de babyfoon praatte.”
Mijn hand balde zich tot een vuist.
Voor het eerst begreep ik dat het huilen van mijn kinderen misschien helemaal geen mysterie was geweest.
Ze hadden misschien gereageerd op iets wat wij volwassenen niet konden horen.
Iets dat al die tijd in hun kamer aanwezig was geweest.
En beneden wachtte de man die blijkbaar wist waarom.
Maar hij wist nog niet dat Sophie hem had herkend.