verhalen 12 66

DEEL 2 — De man die mijn naam al kende

Ik wist niet wat ik van hem moest denken.

Zijn vraag bleef tussen ons in hangen.

‘Omdat je me aan iemand doet denken.’

Ik keek naar Sem, die inmiddels uitgeput tegen mijn borst lag.

‘Ik moet gaan.’

Ik wilde me omdraaien, maar de man zette één stap naar voren.

‘Noor.’

Ik verstijfde.

‘Hoe weet u mijn naam?’

Hij wees naar het klantenkaartje dat half uit mijn jaszak stak.

‘Je naam staat erop.’

Ik keek naar mijn jas.

Hij had gelijk.

Toch voelde ik me ongemakkelijk.

‘Ik wil geen problemen.’

‘Die heb je al genoeg,’ zei hij rustig.

Daarna keek hij naar Marja………….

Lees verder op de volgende pagina.

Leave a Comment